Bron: NVA. Autisme komt van het Griekse woord 'autos' dat 'zelf' betekent. Autos verwijst naar de in zichzelf gekeerde indruk die mensen met autisme soms maken. De NVA bedoelt met autisme de verschillende aandoeningen binnen het autismespectrum.
Met autisme of autistische stoornissen worden vaak ook andere termen gebruikt, zoals klassiek autisme, de stoornis van Asperger, pervasieve en atypische ontwikkelingsstoornissen, het Multiplex Development Disorder of High Functioning Autism. Deze termen beschrijven elk een aandoening die behoort tot de autistische stoornissen. In het Engels spreekt men van Pervasive Development Disorder (PDD). Uit de naam van de stoornis blijkt niet of het gaat om een lichte of een zwaardere vorm van autisme. Alle mensen met autisme ervaren ieder voor zich hun eigen beperkingen en problemen. Soms ervaart alleen de omgeving dat iemand anders is.
Autistische stoornissen vallen onder de psychiatrische stoornissen en worden geclassificeerd volgens de criteria van de DSM-IV-TR, een systeem dat wereldwijd gebruikt wordt. Binnen deze criteria worden vijf subgroepen van autisme onderscheiden:
We weten niet precies hoeveel mensen met autisme er in Nederland zijn. Daar is namelijk geen onderzoek naar gedaan. Op basis van recente epidemiologische studies uit het buitenland gaan we ervan uit dat autisme bij 0,58 % van de bevolking voor komt, waarvan: